versiering

Jan Langekamp, fractievoorzitter van de Drentse Statenfractie van GroenLinks

Afdrukken PDF

'Liever een demonstratieproject op zee.'

"Wij – als GroenLinks – hebben altijd gezegd dat we CO2-opslag in de bodem onder bewoond gebied niet zien zitten. Dat vonden we al in Barendrecht, en dat vinden we nu nog steeds. Wij zijn niet tegen ondergrondse CO2-opslag, maar we vinden de aangewezen plaatsen te risicovol. Begin eerst op de Noordzee.”


“Toen ik hoorde dat de locatie maar naar het dunbevolkte Drenthe moest verkassen – na de opstand in Barendrecht – was ik knap boos. Hier wonen ook een half miljoen mensen! Minder dan in de Randstad, maar ze wonen er wel. Alsof het ging om een stuk of tien boerderijen en een gehuchtje. Als we zo redeneren, is Drenthe altijd de klos.”

Wel afvangen
“We moeten in de eerste plaats vermijden dat CO2 in de lucht komt. En er dus voor zorgen dat zo min mogelijk kolen- en gascentrales worden gebouwd. Wie niet bouwt, spant ook het paard niet achter de wagen. In de Eemshaven komen nu hoogstwaarschijnlijk een nieuwe kolen- en gascentrale. Laten we dan in elk geval de CO2 afvangen zodat het niet in de lucht komt. De eerste ‘c’ van CCS vind ik goed.”

“Bij de andere ‘c’ – transport via een leiding over grotere afstand – plaats ik vraagtekens. Waarom kun je het niet dichterbij de bron opslaan? Technisch gezien is dat makkelijker. Maar op de achtergrond speelt natuurlijk het verhaal van de Europese subsidies voor grote bedrijven. En als CCS een bruikbare techniek is, denkt men die kennis te kunnen exporteren naar China.”

Zonder risico’s
“Natuurlijk is het dan handig om kennis te hebben over het transporteren van CO2 over 10 of 100 kilometer. En ik kan me voorstellen dat bedrijven de kennis over die techniek willen opdoen, maar we zijn de discussie over ondergrondse CO2-opslag begonnen vanuit een verhaal over duurzaamheid. Langzamerhand wordt het een financiële kwestie: waar kan Nederland aan verdienen? En dan is er nog de ‘s’, het onder de grond stoppen van CO2. We moeten het uitproberen op een plaats met minder risico’s, bijvoorbeeld op zee.”

Hergebruik
“Wat op de achtergrond wél speelt: ik kan me voorstellen dat CO2 in de wereld op een later moment nodig is. Dat het geen afvalstof meer is, maar een product dat we gebruiken voor een nieuwe vinding. Iets wat verder gaat dan de kassen voor komkommerteelt of de prik in de cola. Zie bijvoorbeeld het veranderde gebruik van afgeschafte auto’s. Vroeger werden die in z’n geheel platgedrukt. Nu worden ze tot aan de laatste moertjes uit elkaar gehaald en zijn hergebruikt. Het kan heel snel gaan. Een andere mogelijkheid zijn nieuwe technieken, zoals het ontwikkelen van een op kunstmatig fotosynthese gebaseerde conversie-installatie. CO2 kan wellicht op een innovatieve manier worden omgezet in water en waterstof. Er moet dus veel meer onderzoek komen naar mogelijk hergebruik.”

Zuivere discussie
“We moeten de discussie dan ook zuiver voeren, op basis van argumenten. Ik ben niet alleen van GroenLinks,maar zit ook in het bestuur van de stichting Co2ntramine. Nu zijn er allerlei verhalen – de één zegt het klopt niet, de andere zegt het klopt wel – over ondergrondse opslag die niet zijn gebaseerd op feiten. We moeten in dialoog op basis van concrete en waarheidsgetrouwe argumenten. En het beroerde is: er zijn nog te weinig feiten.”

Experimenteer op zee
“Ja, het klopt dat je juist met een demonstratieproject feiten op tafel krijgt. Dus moeten we dat ook doen. Sterker, ik snap dat er iets moet gebeuren en dat je studie moet verrichten. Maar doe dat op zee, waar geen risico voor mensen is. Op zee is er misschien een risico voor de vissen en de plankton, maar dan maken we toch als GroenLinks de afweging: daar wel. Omdat we het belang van onderzoek wel in zien. Maar zoek ook naar die andere mogelijkheden, zodat CO2 niet meer gezien wordt als een afvalproduct, maar als een belangrijke grondstof.”

 

 

Europese Unie| Dit project wordt medegefinancierd door het Europees fonds voor regionale ontwikkeling